Alternatieve gewassen en versterking duurzaamheid kansen voor gemeentelijk landbouwbeleid

HET HOGELAND – De gemeente zou moeten investeren in alternatieve gewassen, zoals vlas, en om circulaire landbouwactiviteiten te combineren met recreatieve en toeristische initiatieven. Duurzaamheid, innovatie en samenwerking staan hierbij centraal. Dat is een aanbevelingen uit het rapport ‘Verkenning Agrofood Het Hogeland’

De gemeente Het Hogeland heeft de Economic Board Groningen (EBG) gevraagd om een analyse te maken van de kansen en bedreigingen voor de agrarische sector. Het rapport ‘Verkenning Agrofood Het Hogeland’ schetst een uitgebreid beeld van de huidige situatie, de uitdagingen en de toekomstkansen voor de sector. Dit rapport bevat aanbevelingen die ondernemers in Het Hogeland kunnen helpen bij hun beslissingen.

Een van de aanbevelingen is om te investeren in alternatieve gewassen, zoals vlas, en om circulaire landbouwactiviteiten te combineren met recreatieve en toeristische initiatieven. Duurzaamheid, innovatie en samenwerking staan hierbij centraal. Het rapport belicht ook de verbindingen binnen de agrarische sector en het belang van versterkte samenwerking tussen agrarische ondernemers, kennisinstellingen en de overheid. Met samenwerking tussen alle betrokkenen kunnen de kansen benut worden om de agrarische sector toekomstbestendig te maken, waarbij de gemeente een belangrijke rol speelt in randvoorwaardelijke zin. De aanbevelingen uit dit onderzoek worden geïntegreerd in het gebiedsprogramma Waddenkust en Reitdiep.

De agrarische sector ervaart momenteel veel veranderingen, waaronder nieuwe regelgeving en de druk van stikstof, CO2 en waterkwaliteit. Ook het vinden van opvolgers voor agrarische bedrijven wordt steeds moeilijker. Wanneer er opvolgers zijn, twijfelen zij vaak of ze willen overnemen onder de huidige omstandigheden. Digitalisering en nieuwe technieken zijn daarom cruciaal voor de toekomst van de sector.

Ook zijn er kansen voor zowel reguliere als biologische akkerbouwgewassen. Daarnaast is er ruimte voor andere verdienmodellen.